Dalton is een onderwijsconcept voor basis- en voortgezet onderwijs. De grondlegster hiervan is de Amerikaanse Helen Parkhurst (1887-1973). In tegenstelling tot montessori en jenaplan is dalton geen methode of systeem, maar een praktisch onderwijsplan: het Dalton Plan. Leerkrachten en scholen experimenteren met dit plan, zodat zij een eigen vorm vinden die in de praktijk werkt. Daardoor zijn er verschillende benaderingen en bestaat ‘de daltonschool’ niet.

Dalton past binnen het traditioneel vernieuwingsonderwijs. Dit is een verzamelnaam voor vernieuwend onderwijs dat aan het begin van de 20ste eeuw ontstond. Andere scholen die hieruit zijn voortgekomen zijn montessori-, vrije-, jenaplan– en freinetscholen. Al deze concepten namen afstand van het mechanische, klassikale onderwijs en richtten zich op de ontwikkelingsmogelijkheden van het individuele kind.

Het Dalton Plan

Sinds 2012 richt het Nederlandse daltononderwijs zich op vijf kernwaarden, namelijk:

  • samenwerking;
  • vrijheid en verantwoordelijkheid;
  • effectiviteit;
  • zelfstandigheid;
  • reflectie.

Samenwerking

Op daltonscholen leren leerlingen samenwerken. Zo werken zij samen in tweetallen en kleine groepjes aan bepaalde taken. Op die manier leren zij elkaar respecteren, feedback ontvangen en geven en reflecteren op de samenwerking en het gemaakte werk. Het uiteindelijke doel van deze samenwerking is democratisch burgerschap.

Vrijheid en verantwoordelijkheid

Op een daltonschool krijgen leerlingen de vrijheid om hun eigen taakwerk te organiseren. Maar deze vrijheid is niet onbegrensd. Zij moeten zich bijvoorbeeld houden aan een tijdslimiet, werkafspraken en schoolregels. Op die manier leren leerlingen verantwoordelijk te zijn voor henzelf en hun omgeving.

Effectiviteit

Op een daltonschool krijgen leerlingen taken waar zij zelf verantwoordelijk voor zijn. Bovendien kunnen zij die in vrijheid plannen en uitvoeren. Deze manier van werken is volgens Parkhurst effectiever dan stil zitten en klassikaal luisteren naar de leerkracht.

Zelfstandigheid

Op een daltonschool leren leerlingen zelfstandig en binnen een bepaalde tijd taken afronden. Daarnaast leren zij op tijd hulp inschakelen als dit nodig is. Op die manier wordt hun probleemoplossend vermogen en zelfstandigheid gestimuleerd.

Reflectie

Leerlingen reflecteren regelmatig op het eigen gemaakte werk en het werk van anderen. Leerlingen beantwoorden bijvoorbeeld vragen als: vond ik het werk makkelijker of moeilijker dan ik van tevoren had ingeschat? Of: hoe komt het dat ik mijn taak niet op tijd heb afgekregen? Maar ook: ik heb een onvoldoende beoordeling gekregen, maar ik dacht zelf dat ik een goed zou krijgen. Hoe komt dit? Dit soort vragen stimuleert leerlingen om inzicht te krijgen in het eigen leerproces.

Brede vorming

Binnen het daltononderwijs wordt gewerkt aan brede vorming van het kind. Deze brede vorming omvat een cognitief, cultureel, sportief en sociaal-emotioneel aspect en draagt bij aan de persoonlijke ontwikkeling. Er wordt een omgeving geboden waarin leerlingen worden uitgedaagd zich te ontwikkelen tot ondernemende mensen met een kritische een democratische houding.

Daltononderwijs: dagindeling, taken en plannen

Op daltonscholen werken leerlingen vaak met een dag- en een weekplanning. De dagplanning bestaat uit kernvakken (rekenen en taal), overige vakken (zoals natuur en geschiedenis) en creatieve vakken (beeldende vorming en gymnastiek).

Daarnaast maken daltonscholen vaak een onderscheid tussen basistaken (verplichte lesstof) en keuzetaken. De leerkracht stemt de basistaak zoveel mogelijk af op het niveau van de individuele leerling. Bij een keuzetaak kiezen kinderen uit een aantal opdrachten of mogen zij zelf bedenken wat ze willen leren.

Leerlingen weten van tevoren hoeveel tijd ze hebben voor hun taken. Bovendien plannen ze de volgorde van hun werk meestal zelf in. Naarmate de leerling in een hogere groep komt zal het steeds meer verantwoordelijkheid krijgen voor het werk.

Veel daltonscholen werken daarnaast met een takenblad en dagkleuren. Ieder dag heeft een eigen kleur en als zij een bepaalde taak hebben afgerond kleuren ze de taak in de dagkleur af. Heeft een leerling bijvoorbeeld op maandag (blauw dagkleur) beukensommen gemaakt? Dan kleurt het de taak beukensommen blauw in.

 

Bron: dalton.nl